Statuten

Bijlage(n)

Naam, zetel en duur

Artikel 1

1) De vereniging draagt de naam: Vereniging ‘Oud-Utrecht’ en is opgericht op twaalf maart negentienhonderddrieëntwintig.

2) De vereniging is gevestigd te Utrecht.

3) De vereniging is aangegaan voor onbepaalde tijd.

Doel en middelen

Artikel 2

1) De vereniging heeft ten doel: de kennis en belangstelling te bevorderen op het terrein van de geschiedenis, archeologie en monumentenzorg betreffende de stad en provincie Utrecht en te waken over het behoud van het cultureel erfgoed en voorts al hetgeen met één of ander rechtstreeks of zijdelings verband houdt of daartoe bevorderlijk kan zijn, alles in de ruimste zin des woords.

2) De vereniging tracht haar doel te bereiken door:
- het uitgeven van één of meer periodieken;
- het bevorderen van onderzoek en publikaties;
- het organiseren van lezingen, excursies en manifestaties;
- het onderhouden van contacten met in de stad en de provincie werkzame overheids- en particuliere instanties;
- en voorts door het aanwenden van alle andere wettige middelen welke voor het bereiken van het gestelde doel nuttig of nodig worden geacht.

Verenigingsjaar

Artikel 3

Het verenigingsjaar valt samen met het kalenderjaar.

Lidmaatschap

Artikel 4

1) Het bestuur beslist over de toelating van een lid. Bij niet toelating door het bestuur kan de algemene vergadering alsnog tot toelating besluiten.

2) Het bestuur houdt een register, waarin de namen en adressen van alle leden zijn opgenomen. De leden zijn verplicht hun adres en wijzigingen daarin onverwijld aan het bestuur mede te delen.

3) Bij huishoudelijk reglement kunnen de leden worden onderverdeeld in categorieën.

Contributie

Artikel 5

1) Leden zijn verplicht tot betaling van een jaarlijkse contributie, welke per categorie wordt vastgesteld door de algemene vergadering.

2) Het bestuur is bevoegd in bijzondere gevallen gehele of gedeeltelijke ontheffing van de verplichting tot het betalen van contributie te verlenen.

Einde van het lidmaatschap en schorsing

Artikel 6

1) Het lidmaatschap eindigt:
a) door de dood van het lid;
b) door opzegging door het lid;
c) door opzegging door de vereniging;
d) door ontzetting.

2) Opzegging van het lidmaatschap door het lid kan slechts schriftelijk geschieden tegen het einde van het verenigingsjaar en met inachtneming van een opzeggingstermijn van vier weken, met dien verstande dat:
a een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang kan opzeggen binnen één maand nadat hem een besluit is meegedeeld tot omzetting van de vereniging in een andere rechtsvorm of tot fusie;
b een lid zijn lidmaatschap met onmiddellijke ingang kan opzeggen binnen één maand nadat een besluit, waarbij zijn rechten zijn beperkt of zijn verplichtingen - andere dan de verplichtingen van geldelijke aard - zijn verzwaard, hem is bekend geworden of medegedeeld; het besluit is alsdan niet op hem van toepassing.

3) Opzegging van het lidmaatschap door de vereniging geschiedt door het bestuur. Deze kan geschieden in gevallen door de wet bepaald. Opzegging door het bestuur geschiedt met onmiddellijke ingang.

4) Een opzegging in strijd met het bepaalde in lid 2, doet het lidmaatschap eindigen op het vroegst toegelaten tijdstip, volgende op de datum waartegen was opgezegd.

5) Ontzetting uit het lidmaatschap geschiedt door de algemene vergadering. Deze kan alleen worden uitgesproken wanneer een lid in strijd met de statuten, reglementen of besluiten van de vereniging handelt, of de vereniging op onredelijke wijze benadeelt. Ontzetting kan eerst plaatsvinden nadat het lid een maand van tevoren een waarschuwing heeft gekregen om de handeling die de ontzetting tot gevolg kan hebben te staken. Staakt het betrokken lid voormeld gedrag niet binnen deze maand, dan kan de algemene vergadering tot ontzetting uit het lidmaatschap besluiten. Ontzetting doet het lidmaatschap met onmiddellijke ingang eindigen.

6) Wanneer het lidmaatschap in de loop van een verenigingsjaar eindigt, blijft desniettemin de jaarlijkse bijdrage voor het geheel verschuldigd.

7) Het bestuur kan besluiten een lid te schorsen. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot beëindiging van het lidmaatschap, eindigt door het verloop van die termijn.

Het bestuur

Artikel 7

  1. 1) Het bestuur bestaat uit tenminste vijf en ten hoogste tien bestuurders. De benoeming geschiedt door de algemene vergadering uit de leden. Het aantal bestuurders wordt vastgesteld door de algemene vergadering.
  2. 2) Kandidaten voor het bestuur kunnen worden gesteld door het bestuur, alsmede op voorstel van tenminste tien leden.

Duur, einde bestuurslidmaatschap, schorsing

Artikel 8

1) Bestuurders worden benoemd voor een periode van drie jaar. Bestuurders treden af volgens een door het bestuur vast te stellen rooster van aftreden met dien verstande dat zolang in de vacature van de periodiek aftredende bestuurder niet is voorzien, hij in functie blijft. Een volgens het rooster aftredende bestuurder is aansluitend tweemaal herbenoembaar. Een bestuurder neemt op het rooster van aftreden de plaats van zijn voorganger in.

2) Een bestuurder defungeert door:
a) het eindigen van zijn lidmaatschap van de vereniging;
b) zijn schriftelijk bedanken; en
c) het verlies van het vrije beheer over zijn eigen vermogen;
d) ontslag door de algemene ledenvergadering.

3) Bij ontstentenis of belet van een bestuurder zijn de overige bestuurders met het bestuur belast. Tijdens het bestaan van ten hoogste twee vacatures geldt het bestuur als volledig samengesteld. Het bestuur is verplicht binnen drie maanden een algemene vergadering bijeen te roepen om in de vacature(s) te voorzien.

4) Elke bestuurder kan te allen tijde door de algemene vergadering worden ontslagen of geschorst. Een schorsing die niet binnen drie maanden gevolgd wordt door een besluit tot ontslag, eindigt door het verloop van die termijn.

Bestuursfunkties van - en besluitvorming door het bestuur

Artikel 9

1) De benoeming van een voorzitter geschiedt door de algemene ledenvergadering. Het bestuur benoemt uit zijn midden een secretaris en een penningmeester en zo-danige andere functionarissen als het wenselijk acht. Voorzitter, secretaris en penning-meester vormen tezamen het dagelijks bestuur, dat in die hoedanigheid de meer dage-lijkse -zaken afhandelt. Eén bestuurder kan meer dan één functie bekleden. De taken van het dagelijks bestuur worden vastgelegd in het huishoudelijk reglement artikel 3.

2) Het bestuur vergadert zo dikwijls dit ingevolge de statuten nodig is of de voorzitter of twee andere bestuurders zulks wensen.

3) In vergadering kunnen slechts besluiten worden genomen indien tenminste de helft van de bestuurders aanwezig of vertegenwoordigd is. Een bestuurder kan schriftelijk een stem uitbrengen bij geagendeerde besluitpunten. Een bestuurder kan zich ter vergadering niet laten vertegenwoordigen door een mede-bestuurder.
Het bestuur kan ook buiten vergadering besluiten nemen, mits alle bestuurders zich omtrent het desbetreffende voorstel schriftelijk hebben uitgesproken.

4) Alle bestuursbesluiten worden genomen met volstrekte meerderheid van stemmen.

5) Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris notulen op-gesteld, die na vaststelling door het bestuur door de voorzitter en de secretaris worden ondertekend.

6) Het in de vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter omtrent de uitslag van een stemming is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voorzover werd gestemd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.
Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

Bestuurstaak en bevoegdheid

Artikel 10

1) Het bestuur is belast met het besturen van de vereniging. Het bestuur kan als -zodanig een of meer van zijn taken en/of bevoegdheden, mits duidelijk omschreven, overdragen.
Degene die aldus taken uitvoert en/of bevoegdheden uitoefent, handelt onder verantwoordelijkheid van het bestuur.

2) Het bestuur is, mits met goedkeuring van de algemene vergadering, bevoegd te besluiten tot het aangaan van overeenkomsten tot verkrijging, vervreemding en bezwaring van registergoederen alsook tot het aangaan van overeenkomsten waarbij de vereniging zich als borg of hoofdelijk medeschuldenaar verbindt, zich voor een derde sterk maakt of zich tot zekerheidsstelling voor een schuld van een ander verbindt.

Vertegenwoordiging

Artikel 11

1) De vereniging wordt vertegenwoordigd door het bestuur. Voorts kan de vereniging worden vertegenwoordigd door twee tezamen handelende bestuurders.

2) Het bestuur kan besluiten tot het verlenen van volmacht aan één of meer bestuurders alsook aan derden, om de vereniging binnen de grenzen van die volmacht te vertegenwoordigen. Het bestuur kan besluiten aan gevolmachtigden een titel te verlenen.

3) Het bestuur zal van het toekennen van doorlopende vertegenwoordigingsbevoegdheid opgave doen bij het register voor stichtingen en verenigingen K.v.K..

4) Indien een bestuurder een tegenstrijdig belang heeft met de vereniging kan hij de vereniging niet vertegenwoordigen. Het bestuur kan één of meer personen aanwijzen om de vereniging te vertegenwoordigen.

Dagelijks bestuur

Artikel 12

1) Het bestuur is bevoegd uit zijn midden een dagelijks bestuur in te stellen en de taken van het dagelijks bestuur vast te stellen. Het dagelijks bestuur bestaat tenminste uit de voorzitter, de secretaris en de penningmeester.

2) Voor de wijze van besluitvorming en van vergadering van het dagelijks bestuur zijn de voorgaande artikelen van overeenkomstige toepassing.

Jaarverslag - rekening en verantwoording

Artikel 13

1) Het bestuur is verplicht van de vermogenstoestand van de vereniging en van alles betreffende de werkzaamheden van de vereniging, naar de eisen die voortvloeien uit deze werkzaamheden, op zodanige wijze een administratie te voeren en de daartoe behorende boeken, bescheiden en andere gegevensdragers op zodanige wijze te bewaren, dat te allen tijde de rechten en verplichtingen van de vereniging kunnen worden gekend.

2) Het bestuur brengt op een algemene vergadering binnen zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, behoudens verlenging van deze termijn door de algemene vergadering, zijn jaarverslag uit over de gang van zaken in de vereniging en over het gevoerde beleid. Het legt de balans en de staat van baten en lasten met een toelichting ter voorstelling aan de algemene vergadering over. Deze stukken worden ondertekend door de bestuurders; ontbreekt de ondertekening van een of meer van hen, dan wordt daarvan onder opgave van redenen melding gemaakt.

3) De algemene vergadering benoemt jaarlijks uit de leden een kaskontrole-commissie van tenminste twee personen, die geen deel mogen uitmaken van het bestuur. De commissie onderzoekt de stukken bedoeld in de tweede zin van lid 2 en brengt aan de algemene vergadering verslag uit van haar bevindingen.

4) Vereist het onderzoek van de rekening en verantwoording bijzondere boekhoudkundige kennis, dan kan de kascontrole-commissie, mits met goedkeuring van het bestuur, zich voor rekening van de vereniging door een deskundige doen bijstaan. Het bestuur is verplicht aan de commissie ten behoeve van haar onderzoek alle door haar gewenste inlichtingen te verschaffen, haar desgewenst de kas en de waarden te vertonen en inzage van de boeken en bescheiden van de vereniging te geven.

5) Het bestuur is verplicht de in de leden l en 2 bedoelde boeken, bescheiden en andere gegevensdragers gedurende tien jaren te bewaren.

6) Erfstellingen mogen slechts worden aanvaard onder het voorrecht van boedel-beschrijving.

Algemene vergadering

Artikel 14

1) Jaarlijks, uiterlijk zes maanden na afloop van het verenigingsjaar, wordt een algemene vergadering -de jaarvergadering- gehouden.

2) Andere algemene vergaderingen worden gehouden zo dikwijls het bestuur dit wenselijk oordeelt.

3) Voorts is het bestuur op schriftelijk verzoek van tenminste 50 leden met stemrecht verplicht tot het bijeenroepen van een algemene vergadering op een termijn van niet langer dan vier weken. Indien aan het verzoek binnen veertien dagen geen gevolg wordt gegeven, kunnen de verzoekers zelf tot die bijeenroeping overgaan overeenkomstig artikel 15.

Wijze bijeenroepen en toegang

Artikel 15

1) De algemene vergaderingen worden bijeengeroepen door het bestuur. De oproeping geschiedt schriftelijk aan de adressen van de leden volgens het ledenregister. De termijn van oproeping bedraagt tenminste zeven dagen, de dag van de oproeping en die van de vergadering niet meegerekend.

2) Bij de oproeping worden de op de vergadering te behandelen onderwerpen vermeld.

3) Toegang tot de algemene vergadering hebben alle niet geschorste leden en bestuurders van de vereniging. Over toelating van anderen dan de hiervoor bedoelde personen beslist de algemene vergadering.

Stemrecht en besluitvorming

Artikel 16

1) In vergaderingen hebben alle niet geschorste leden stemrecht. leder zodanig lid kan één stem uitbrengen. leder lid is bevoegd zijn stem te doen uitbrengen door een schriftelijk daartoe gemachtigd ander lid.

2) Besluiten worden genomen bij volstrekte meerderheid van de geldig uitgebrachte stemmen, tenzij in deze statuten anders is bepaald. Blanco stemmen worden beschouwd als niet te zijn uitgebracht.

3) Indien de stemmen staken over een ander voorstel dan de benoeming van personen, is het voorstel verworpen.

4) Stemming over personen geschiedt schriftelijk tenzij de vergadering besluit tot stemming bij acclamatie.
Indien bij een benoeming van personen niemand de volstrekte meerderheid heeft verkregen, heeft een tweede stemming (tussen de voorgedragen kandidaten) plaats. Heeft alsdan weer niemand de volstrekte meerderheid verkregen, dan vinden herstemmingen plaats, totdat hetzij één persoon de volstrekte meerderheid heeft verkregen, hetzij tussen twee personen is gestemd en de stemmen staken. Bij gemelde herstemmingen (waaronder niet is begrepen de tweede stemming) wordt telkens gestemd tussen de personen, op wie bij de voorafgaande stemming is gestemd, evenwel uitgezonderd de persoon op wie bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen is uitgebracht. Is bij die voorafgaande stemming het geringste aantal stemmen op meer dan één persoon uitgebracht, dan wordt door loting uitgemaakt op wie van die personen bij de nieuwe stemming geen stemmen meer kunnen worden uitgebracht. Ingeval bij een stemming tussen twee personen de stemmen staken, beslist het lot wie van beiden is gekozen.

5) Een eenstemmig schriftelijk besluit van alle leden, ook al zijn deze niet in een vergadering bijeen, heeft, mits met voorkennis van het bestuur genomen, dezelfde kracht als een besluit van de algemene vergadering.

6) Het ter algemene vergadering uitgesproken oordeel van de voorzitter, dat door de vergadering een besluit is genomen, is beslissend. Hetzelfde geldt voor de inhoud van een genomen besluit, voor zover gestemd werd over een niet schriftelijk vastgelegd voorstel.

7) Wordt echter onmiddellijk na het uitspreken van dit oordeel de juistheid daarvan betwist, dan vindt een nieuwe stemming plaats, wanneer de meerderheid van de vergadering of, indien de oorspronkelijke stemming niet hoofdelijk of schriftelijk geschiedde, een stemgerechtigde aanwezige dit verlangt. Door deze nieuwe stemming vervallen de rechtsgevolgen van de oorspronkelijke stemming.

Voorzitterschap - notulen

Artikel 17

1) De algemene vergaderingen worden geleid door de voorzitter van het bestuur. Ontbreekt de voorzitter, dan treedt één der andere door het bestuur aan te wijzen bestuurders als voorzitter op. Wordt ook op deze wijze niet in het voorzitterschap voorzien, dan voorziet de vergadering daarin zelve.

2) Van het verhandelde in elke vergadering worden door de secretaris of een ander door de voorzitter daartoe aangewezen persoon notulen gemaakt, die na vaststelling door de algemene vergadering door de voorzitter en de notulist worden ondertekend. De inhoud van de notulen wordt ter kennis van de leden gebracht.

3) Indien een vergadering met inachtneming van het bepaalde in artikel 14 lid 3 van deze statuten op verzoek van leden wordt bijeengeroepen, kunnen degenen die de vergadering hebben verzocht anderen dan bestuursleden belasten met de leiding van de vergadering en het opstellen van de notulen.

Commissies

Artikel 18

  1. 1) Het bestuur kan één of meerdere commissies instellen en opheffen.
  2. 2) Het bestuur stelt de taak en de bevoegdheden van de commissies vast.
  3. 3) De leden van de commissies worden benoemd en ontslagen door het bestuur.

Huishoudelijk reglement

Artikel 19

1) Bij een huishoudelijk reglement kan al datgene geregeld worden, waarvan een nadere regeling gewenst wordt geacht. Een huishoudelijk reglement mag geen bepalingen bevatten, die in strijd zijn met de wet of de statuten.

2) Het huishoudelijk reglement wordt vastgesteld en gewijzigd door de algemene vergadering. De tekst daarvan moet letterlijk met de eventuele toelichting vijf dagen voor de desbetreffende vergadering op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage liggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.

Statutenwijziging en fusie

Artikel 20

1) In de statuten van de vereniging kan geen verandering worden aangebracht dan door een besluit van de algemene vergadering, waartoe is opgeroepen met de mededeling dat aldaar wijziging van de statuten zal worden voorgesteld.

2) Tenminste vijf dagen voor de algemene vergadering dient een afschrift van het voorstel waarin de voorgestelde wijziging woordelijk is opgenomen, op een daartoe geschikte plaats voor de leden ter inzage te liggen tot na afloop van de dag waarop de vergadering wordt gehouden.

3) Het besluit tot wijziging van de statuten kan slechts worden genomen met een meerderheid van tenminste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen. In de vergadering moet tenminste tweederde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd zijn.

4) Indien in een vergadering waarin een voorstel tot statutenwijziging aan de orde is, niet tenminste tweederde van de leden aanwezig of vertegenwoordigd is, dan wordt een nieuwe vergadering bijeengeroepen, te houden tenminste veertien dagen later, doch uiterlijk binnen dertig dagen na de eerste. In deze vergadering kan een besluit tot statutenwijziging rechtsgeldig worden genomen met een meerderheid van tenminste tweederde van de geldig uitgebrachte stemmen ongeacht het aantal aanwezige of vertegenwoordigde leden.

5) Het in dit artikel bepaalde is van overeenkomstige toepassing bij een besluit tot fusie.

Artikel 21

Het in artikel 20 bepaalde is niet van toepassing indien op de algemene vergadering alle stemgerechtigde leden aanwezig zijn en het besluit tot statutenwijziging met algemene stemmen wordt genomen.

Artikel 22

De statutenwijziging treedt niet in werking, dan nadat daarvan een notariële akte is opgemaakt. ledere bestuurder is afzonderlijk bevoegd gemelde notariële akte te verlijden.

Ontbinding

Artikel 23

1) De vereniging kan worden ontbonden door een besluit van de algemene vergadering. Het bepaalde in de artikelen 20 en 21 is van overeenkomstige toepassing.

2) De vereniging blijft na ontbinding voortbestaan voor zover dit tot vereffening van haar vermogen nodig is. In stukken en aankondigingen die van haar uitgaan, moet aan haar naam worden toegevoegd: in liquidatie. De vereffening eindigt op het tijdstip waarop geen aan de vereffenaars bekende baten meer bekend zijn.

3) De bestuurders zijn de vereffenaars van het vermogen van de vereniging. Op hen blijven de bepalingen omtrent de benoeming, de schorsing, het ontslag en het toezicht van bestuurders van toepassing. De overige statutaire bepalingen blijven eveneens voor zoveel mogelijk van kracht tijdens de vereffening.

4) Het batig saldo na vereffening wordt aangewend voor door de algemene vergadering te bepalen zodanige doeleinden als het meest met het doel van deze vereniging -overeenstemmen.

5) Na afloop van de vereffening blijven de boeken en bescheiden van de ontbonden vereniging gedurende tien jaar onder berusting van de door de algemene vergadering daartoeaangewezen persoon.

Slotbepaling

Artikel 24

Aan het bestuur komen in de vereniging alle bevoegdheden toe, die niet door de wet of de statuten aan andere organen zijn opgedragen.