Tijdschrift augustus 2026
Het augustusnummer van Tijdschrift Oud-Utrecht bevat onderstaande artikelen. Losse tijdschriften zijn verkrijgbaar via de webwinkel en bij boekhandels in stad en regio Utrecht. Lid worden van Oud-Utrecht kan ook.

Tuinderij De Aardvlo op landgoed Amelisweerd
Paul van Niekerk is secretaris van de Stichting Historische Moestuinen Landgoed Amelisweerd.
Veel Nederlanders zijn in de jaren zeventig moe van schaalvergroting, asfalt en de logica van groei. Jongeren trekken naar communes, vrouwen beginnen collectieve bedrijven. Overal in het land ontstaan kleinschalige initiatieven om de samenleving van binnenuit te veranderen. Terug naar de natuur, herwaardering van de menselijke maat. Zelf voedsel verbouwen past daar perfect bij: macrobiotisch, biologisch-dynamisch, ecologisch. In die context wordt de coöperatieve tuinderij De Aardvlo geboren. Het is de voortzetting van een eeuwenlange tuintraditie op Oud en Nieuw Amelisweerd, die uitmondt in de tegenwoordige moestuinen Amelis’Hof en De Volle Grond.

Wie Utrecht zegt, zegt Tivoli
Lutgard Mutsaers is cultuurhistorica van muziek, theater en dans.
‘Wie Utrecht zegt, zegt Tivoli.’ Met deze historische woorden opende Chantal Keijsper, directeur van Het Utrechts Archief, op 6 maart 2026 de tentoonstelling Terug naar Tivoli voor genodigden. De opening voor publiek volgde op 7 maart. Op die datum in 1979 had voor de actiegroep Tivoli Tijdelijk het Uur U geslagen. Uit hun ludieke stadsguerrilla kwam op Oudegracht 245 het legendarische poppodium Tivoli (1979-2014) voort. De naam TivoliVredenburg voor het huidige muziekverzamelgebouw aan de Catharijnesingel is een bevestiging van wat Tivoli Oudegracht in 35 jaar voor Utrecht heeft betekend.

Een huwelijksgeschenk voor Eva van Honthorst
Liesbeth M. Helmus is senior conservator Oude Kunst bij het Centraal Museum.
In het Centraal Museum is tot 13 september Gerard van Honthorst – In alles anders dan Rembrandt te zien, de eerste grote overzichtstentoonstelling over de Utrechtse schilder Gerard van Honthorst (1592-1656). De voorbereidingen voor de tentoonstelling en mijn onderzoek naar zijn leven en werk, leverden een aantal nieuwe vondsten op. Een ervan is de identificatie van het meisje op een schilderij van Honthorst uit 1648. Ze schilder een mansportret dat voor haar op een tafel staat en wordt vastgehouden door een putto, een naakte jongen met vleugels. Vanwege zijn aanwezigheid werd het schilderij tot nu toe geduid als een allegorie van de schilderkunst. Het meisje zou in dat geval de personificatie zijn van Pictura, de schilderkunst.

Genootschap Kunstliefde 1807-2007
Jaap Röell is oud-voorzitter van het Genootschap Kunstliefde en samensteller en uitgever van het lexicon.
Op 21 juni 2026 is in het Centraal Museum het Lexicon Genootschap Kunstliefde 1807-2007 gepresenteerd. De drie 'eerste' exemplaren werden uitgereikt aan de plaatsvervangend voorzitter van het Genootschap Kunstliefde, Floor Egberts, aan de directeur van het Centraal Museum, en aan het Utrechtse gemeentebestuur in de persoon van wethouder Susanne Schilderman. De publicatie vormt een substantiële verrijking van de kennis over de Utrechtse kunsthistorie. Samenstellen Jaap Röell werkte twaalf jaar aan het uitvoerige naslagwerk. In dit artikel beschrijft hij de opzet van het lexicon en licht vervolgens een episode uit: de jaren vlak voor en na de Tweede Wereldoorlog.

Arbeiders bij de Philips Lasstavenfabriek op Lage Weide
Guiselaine Capella is bedrijfseconoom en stadsgeograaf. Zij onderzoekt de geschiedenis van Philips in Utrecht, Eindhoven en Drachten.
In Nederland kwam de industriële revolutie laat op gang en de stad Utrecht kende relatief weinig fabrieken. In de eerste helft van de twintigste eeuw ontstond er echter een bloeiende staalindustrie rond het Merwedekanaal met als belangrijkste voorbeelden Werkspoor en de Demka Staalfabrieken. Minder bekend is dat na de Tweede Wereldoorlog ook Philips zich in Utrecht vestigde, niet met een gloeilampenfabriek maar met een nevenactiviteit: de productie van lasstaven. Deze werden gebruikt als toevoegmateriaal om metaalonderdelen door middel van hitte met elkaar te verbinden.
Dit artikel is ook online beschikbaar als PDF.

Boekbespreking: Beets als bekende Utrechter
Ton H.M. van Schaik is historicus, publicist en oud-redacteur van dit tijdschrift.
Begin dit jaar verscheen een vuistdikke biografie van de neerlandicus Rick Honings over schrijver en theoloog Nicolaas Beets (1814-1903). Dit boeiende boek omvat het gehele leven van Beets, dus ook zijn jeugd in Haarlem, zijn Leidse studententijd (1833-1839) — de sleutelperiode in zijn leven — en zijn predikantschap in Heemstede. Onze aandacht richt zich uiteraard vooral op zijn Utrechtse jaren. In feite had Beets het meest interessante deel van zijn leven achter de rug toen hij naar de Domstad kwam, waar hij vanaf 1854 was tot aan zijn dood in 1903 heeft gewoond.