Nieuws

Lieve Baetens van het Volksbuurtmuseum: collectie vastgelegd door bewoners zelf

Tijdens het Utrechts Erfgoeddebat op 13 maart leidde ze op aanstekelijke wijze de vijfde stelling in: Bij stadsontwikkeling moet meer rekening worden gehouden met de eigenheid van buurten en wijken. Lieve Baetens (24) is sinds januari directeur van het Volksbuurtmuseum. Wat bracht haar daar?

Baetens kende het museum al als vrijwilliger. "Ik was net negentien en studeerde aan de Reinwardt Academie in Amsterdam toen corona uitbrak. Ik deed daar mijn bachelor Cultureel Erfgoed en de bedoeling was dat je bezoekjes bracht aan musea en een kijkje achter de schermen nam en met medewerkers sprak. Dat ging toen allemaal niet door. Ik ben toen op eigen houtje musea gaan bezoeken en heb onder andere samen met mijn moeder het Volksbuurtmuseum bezocht. Ik heb toen zulke leuke gesprekken gehad met de vrijwilligers van het museum en uiteindelijk ook gesproken met de toenmalige directeur Lysette Jansen. Die vertelde me dat ik hier ervaring kon opdoen als vrijwilliger. Later heb ik hier ook stage gelopen en me onder meer bezig gehouden met de fotocollectie van het museum die in langdurige bruikleen is ondergebracht bij het Utrechts Archief."

Na een aantal jaren nam Baetens met pijn in het hart afscheid van het Volksbuurtmuseum nadat het project in samenwerking met het Utrechts Archief was afgerond. Ze begon aan een master Kunst en Erfgoed aan de Universiteit van Maastricht die ze nu bijna behaald heeft. "Toen de vacature bij het museum online kwam werd ik door verschillende mensen uit het museum benaderd of ik misschien interesse had om te solliciteren. Daar moest ik toch even over nadenken. Ik ben pas 24 jaar en ik moest nog afstuderen."

Baetens besloot toch te solliciteren. "Het eerste gesprek was heel leuk en ik vond het heel spannend, want stel dat het niet zou doorgaan, dat zou toch pijn gaan doen. Bij de volgende ronde was het helemaal spannend. Dan zou het bijna voelen als liefdesverdriet als ik afgewezen zou worden."

Tijdens haar sollicitatie presenteerde Baetens haar visie op het museum. "Ik ken de collectie heel goed en zag daar aanknopingspunten voor het thema burgerschap waar het museum zich de komende jaren op zal richten. Daarbij is het idee om vanuit de collectie van het museum verhalen te vertellen over bijvoorbeeld het verenigingsleven of demonstreren, tegenwoordig en in de jaren zeventig, de tijd van het Wijk C Komitee. We willen als museum de dialoog aangaan vanuit het verleden naar het heden. In die zin heeft het museum ook een maatschappelijke functie. Wat kun je leren van het verleden?"

Wat Baetens mooi vindt van het Volksbuurtmuseum is dat de collectie door de mensen zelf is vastgelegd. ‘"Toen Wijk C gesloopt dreigde te worden, besloten de bewoners de wijk vast te leggen door middel van foto’s. Men richtte toen ook het Wijk C Komitee op voor het behoud van de wijk. Die foto’s werden af en toe getoond in het buurthuis in de wijk."

Toen het buurthuis ermee stopte in 1993 betekende dat het begin van het Volksbuurtmuseum. Het museum werd namelijk ondergebracht in het voormalig buurthuis. Baetens: "De collectie werd steeds verder uitgebreid, ook de verhalen uit andere volkswijken zoals Ondiep en de Sterrenwijk kwamen aan bod. Het museum toont nu het alledaagse leven in volksbuurten. Wat aanleiding kan vormen voor gesprekken over bijvoorbeeld de woningnood, toen en nu."

Het gaat goed met het museum, aldus Baetens. Ze is tevreden en hoopt dat er nog meer mensen komen. "We zien hier mensen die naar Utrecht zijn verhuisd en die Utrecht beter willen leren kennen. Maar natuurlijk ook de oude bewoners van wijk C of mensen die op bezoek zijn in Utrecht."

Header: Lieve Baetens tijdens het Erfgoeddebat op 13 maart.